Kapotte bruggen, grote kloven… waar en hoe treffen we elkaar?

Kapotte bruggen, grote kloven

Wat ik ook lees, zie of hoor: het lijkt alsof we steeds vijandiger naar elkaar worden. Alsof we het niet meer met elkaar eens willen zijn. En als we dat dan even niet zijn, dat ook gewoon vredevol mag bestaan met liefde en respect voor de ander. Het lijkt er in mijn ogen op alsof we steeds meer in kampjes worden gestopt, die lijnrecht tegenover elkaar komen te staan. Zwaaiend met eigen wetenschap, gevuld met haat, schreeuwend om de ander te overtuigen en vooral niet aanhoren wat de ander te zeggen heeft.

Schreeuwen

Het gaat niet meer om wie gelijk heeft, het zijn gevechten ik om wie gelijk krijgt. Het gaat niet om wie de waarheid vertelt, maar in welke waarheid je gelooft en uit. Lijnrecht tegenover elkaar, uiteen gereten in links of rechts, zwart of wit, oud of jong, liberaal of sociaal... we schreeuwen, we schreeuwen en als men het niet horen wil, schreeuwen we nog eens. Harder en harder. Gemener en gemener. Kwader en kwader. Lijnrecht tegenover elkaar.

Het midden

De waarheid ligt spreekwoordelijk in het midden. En daar zal het waarschijnlijk nog steeds liggen. De lijn van het midden is echter zo dun geworden en de afstand er naartoe zo groot, dat we elkaar niet meer kunnen vinden. Vinden voor het gesprek, de dialoog, de kennis, de waarheden, de verschillen, de geloven, de culturen, de vriendschappen en bovenal, ondanks alle verschillen, juist die vriendschappen in takt te houden. We staan met onze kampen heel, heel ver van die lijn. Ver van alle nuances. En inmiddels misschien wel heel ver van de beschaving van onze mensheid. Wat ons samen ooit zo krachtig maakte, heeft inmiddels plaatsgemaakt voor zwakte. Onverklaarbare zwakte.

Piekeren

Onverklaarbaar? Ik weet het in elk geval niet. Ik heb er over gepiekerd en gemaald, varieer slapeloze nachten met de lust naar belangrijke informatie om te weten. Kennis is immers macht. Als ik naar dat laatste überhaupt zou willen streven. Maar ik vind de kennis niet. Ik vind de kennis niet waarom wij als mensen niet meer mét elkaar kunnen leven. Niet meer met elkaar SAMEN kunnen leven.

Solidariteit

Even leek het erop toen covid-19 ons in zijn greep kreeg. We werden ouderwets solidair, hielpen elkaar, waardeerden elkaar. En terwijl samenkomen juist niet mocht, wisten we elkaar beter te vinden dan ooit met onze solidariteit. We deden heel veel samen. Even. Totdat we weer werden bestookt door allerlei informatie. Informatie die ons naar onze eigen kampjes trokken. Kampjes die verbroederden en zich gingen afzetten van die ene waarheid. De waarheid die ergens in het midden lag.

Kapotte bruggen, grote kloven

Geen blijvertje

Het vuur werd geopend. De politiek voorop. Vervolgens de media. De sociale media. De kampjes. De medici. We hadden allemaal ineens weer overal verstand van. Vooral van onze eigen waarheid. Schreeuwen, blèren, afzeiken. Solidariteit werd al snel het garantiebewijs van een smartphone die je koopt op de zwarte markt: tot aan de deur.

Kapotte bruggen, grote kloven

Daar sta ik dan. Met nog weinig anderen. Op of nabij dat hele dunne lijntje. Dat lijntje van de waarheid die zich daar bevindt. In het midden. Het ligt voor me. Met soms een beetje meer waarheid van de ene kant, soms wat meer van de andere kant en vaak genoeg “evenveel” van beide kanten om gebalanceerd verder te kunnen. Lange tijd wilde ik bruggen slaan. Ik was daar ook best goed in. Maar bruggen bouwen doe je nooit alleen. Het kamp op de middenlijn dunt uit. Ook mensen daar vinden hun kampjes en drijven weg. De meesten zijn al zo ver dat mijn roep om liefde, respect, en waardering voor elkaar niet meer gehoord wordt. Dat die paar ingrediënten een basis kunnen zijn voor een prima samenleving. Het lijkt te laat, ze zijn te ver. Het enige wat je nu nog hoort is het overschreeuwen van de kampjes. Maar die liggen nog veel verder uit elkaar.

Ik blijf in het midden

Ik roep, ik roep... maar ik weiger te schreeuwen. En ik denk dat ik ook ga stoppen met roepen. Mijn leven op de middenlijn is namelijk behoorlijk vredig. Het zit vol liefde, vrijheid en natuur. Alles wat ík nodig heb. Op dat punt staan we toch? Ik. Ik... ik? De lijn is nu erg dun, de afstanden er naartoe is erg groot. Maar mocht je je ooit bedenken dat je ver in je kampjes veel schreeuwt en weinig bereikt, weet dan dat ergens in het midden die lijn er ligt. Je kunt er naartoe. Die vrijheid heb je. Die keuze ook. En des te meer mensen daar weer komen - met liefde en in vrede - des te harder kunnen we bouwen aan betere en sterkere bruggen.

Tot ooit, in het midden

En wie wegblijft: prima! Mijn wereld is hier mooi, vredig, harmonieus, liefdevol, respectvol en zit vol vrijheden om dat allemaal te zijn en er voldoende van te hebben. Het is geen materie, slechts gevoel. En het heeft voor mij enorm veel waarde.

Tot ooit, in het midden! Met de wijsheid van Yogi Tea wellicht... 👇🏽😁

2 thoughts on “Kapotte bruggen, grote kloven… waar en hoe treffen we elkaar?

  1. Hoi Randy,

    Sterke verwoording van een situatie die je schetst en ik denk dat je de spijker op zijn kop slaat hiermee. Wel wil ik de hoop uitspreken dat de afstand van de kampjes tot die middenlijn niet zo groot is als dat je in je tekst schetst. Ergens probeer ik het vertrouwen te vinden dat er een moment komt waarbij iedereen wakker wordt en gaat beseffen dat we het samen moeten doen. Het besef dat we met elkaar verbonden zijn op welke wijze dan ook. Dat is waar ik op hoop en ik vertrouw er op dat dat ooit weer gaat gebeuren. Diverse kampen zullen er altijd blijven, kijk maar in de geschiedenisboeken, dit zal nooit veranderen. en dat is ook niet verkeerd, dat zorgt voor veelzijdigheid. Daardoor onderstreep ik nogmaals hetgeen wat jij al stelt, laten we het weer samen doen en samen weer dicht bij dat spreekwoordelijke midden komen.

    Ik ga je blogs in de gaten houden, want ze geven stof tot nadenken en ik hoop dat je vele zal bereiken.

    groet,
    Berry

    1. Hoi Berry,

      Dank dat je de tijd hebt genomen om mijn verhaal te lezen en erop te reageren. Ik begrijp volledig de hoop die je hebt: die heb ik ook, hoor. Ik chargeer in dit verhaal mijn beleving om nadruk te leggen dat we met zijn allen steeds meer afstand creëren, terwijl het even leek dat in tijden dat we elkaar het minst mochten zien, opzoeken en aanraken, dichter naar elkaar toekwamen. Voor mijn gevoel was dat dus maar tijdelijk en drijven de kampjes of eilandjes langzaam weer verder uit elkaar. Vooral van de genuanceerde midden. Figuurlijk gesproken liggen niet alle kampjes extreem ver van de lijn af. Maar die wel extreem ver liggen, schreeuwen vaak ook extreem hard. Er ligt natuurlijk nog van alles tussen, maar het worden wel steeds meer bruggen om te slaan. Nogmaals: mijn beleving.

      Ik sta nu op het punt dat ik het moeilijk vind om de juiste bruggen te bouwen of de eilanden te vinden waar ik de energie voor heb om zo’n brug te slaan. Niks maakt mij menselijker, feitelijk sta ik zelf ook op mijn eigen eilandje dit allemaal te denken. Maar ik weet het zelf gewoon even niet meer. Voor mij is het daarom nu even belangrijk om zelf balans te houden in dat midden. Daar voel ik mij senang en vind ik ongetwijfeld weer de energie die mij aanzet tot verbinden. Soms moet je even micro handelen om macro impact te hebben. Althans, zo wil ik dat nu even beleven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *